Van Søren Kierkegaard door ds. Suzan ten Heuw (PKC)
Na de afsluiting van het filosofische oeuvre met het geschrift Afsluitend onwetenschappelijk naschrift bij de wijsgerige kruimels, dat in 1846 werd uitgegeven, publiceert Søren Aabye Kierkegaard (1813-1855) uitsluitend religieuze geschriften. Een van die geschriften is de bundel Opbouwende toespraken in verschillende geest (1847). De toespraken bevatten een gelegenheidstoespraak naar aanleiding van een biecht, drie toespraken onder de titel Wat wij leren van de lelies op het veld en de vogels in de lucht en christelijke toespraken onder de noemer Het evangelie van het lijden. Een unicum is dat Kierkegaard met deze bundel voor het eerst een geschrift onder eigen naam laat verschijnen.    

Kierkegaards oeuvre vormt één geheel, met als doel de lezer(es) opmerkzaam te maken op het christelijk-religieuze, maar zonder de mondigheid die de apostel karakteriseert. Hij beschouwde zichzelf als een literair auteur, een dichter en een religieus schrijver en die kunnen geen aanspraak maken op mondigheid. Kierkegaard beschikte vooral over de reflectie als strategisch middel om zijn lezers op het religieuze opmerkzaam te maken. Daarom vermeed hij zijn toespraken ‘preken’ te noemen. In de piëtistisch geschreven toespraken staan een ethiek van de zelfwording, de verhouding van de enkeling tot God en de paradox van het lijden centraal. De toespraken maken duidelijk dat het Kierkegaard ook in deze bundel te doen is om de vraag: hoe word ik een christen? Wij zullen steeds een toespraak lezen en onszelf in dialoog brengen met de tekst.

Datum: woensdag 13 en 27 november, en 11 december 2019
Tijd: 20 uur
Plaats: Maranathakerk
Bijdrage: € 6 (inclusief koffie/thee)